Recap: European HipHop Studies Conference

gravatar
 · 
maart 29, 2026
 · 
7 min read
Featured Image

Wat ik meenam van de European HipHop Studies Conference in Groningen...

Eind maart was ik een paar dagen in Groningen voor de European HipHop Studies Conference, die dit jaar plaatsvond van 18 tot en met 22 maart in het Groninger Museum. De conferentie, dit keer georganiseerd door Alex de Lacey, Dastan Abdali en Steven Gilbers is een jaarlijks en reizend event dat door heel Europa trekt en brengt onderzoekers, makers en liefhebbers van hiphop samen om de cultuur vanuit allerlei invalshoeken te bekijken. Wat deze editie extra bijzonder maakte, is dat de conferentie samenviel met een grote hiphop-expositie in het museum genaamd HipHop is, waardoor theorie en praktijk letterlijk door elkaar heen liepen.

HipHop is, in het Groninger museum
Ik kwam al op woensdag aan, nog voordat de eerste talks van start gingen, en dat gaf me de ruimte om rustig te landen in de stad en het museum. Zonder druk van een programma liep ik de expositie in, maar eigenlijk zat ik vanaf dat moment al midden in het onderwerp dat de dagen erna steeds terug zou komen: archivering. Bij binnenkomst in het museum stond ik ineens in een indrukwekkende ruimte vol vinyl, bijna de volledige Nederlandse hiphopgeschiedenis aan de muur, mede mogelijk gemaakt door de Dutch HipHop Archive. Tussen al die releases ontdekte ik ook werk uit mijn eigen regio zoals Cooly D & D Word, Def La Desh & The Fresh Witness en Pier & Sandman, namen die niet altijd in dit soort contexten opduiken omdat Twente erg vaak vergeten of overgeslagen wordt. Terwijl ik verder door de expositie liep, langs werk van Quik, Lady Pink en Shoe, bleef vooral de ruimte met archiefmateriaal uit de Groninger scene bij mij het meeste hangen. Foto’s, flyers, krantenknipsels, kris kras door elkaar groot uitgeprint op de muren. Zo dope! Misschien raakte dat me juist omdat ik daar ineens de potentie zag voor mijn eigen Air Waves expo later dit jaar bij Oogst.

European HipHop Studies Conference: Things done changed
Toen de conferentie op donderdag begon, verschoof het perspectief van kijken naar luisteren. De European HipHop Studies Conference bracht vooral academici samen, mensen die hiphop analyseren, contextualiseren en in theorie proberen te vatten. Dat leverde interessante mix mensen en inzichten op. Wat me daarin opviel, was dat er relatief weinig mensen uit de Nederlandse scene zelf aanwezig waren. Terwijl juist daar, denk ik, een groot deel van de kennis en ervaring zit die niet altijd in papers te vangen is. Tussen de talks door liep ik soms weer even het museum door, alsof ik moest blijven schakelen tussen theorie en praktijk, tussen analyse en tastbaarheid.

Culture Capsule talk: Traditional archiving institutes
Het moment waarop die twee werelden voor mij echt samenkwamen, was tijdens de talk over hiphop archivering met Martha Diaz (US), SugaCane (NL) en Torch (DE), gehost door Sherlock Telgt. Wat deze sessie anders maakte, was niet alleen het onderwerp, maar vooral de manier waarop er gesproken werd vanuit geleefde ervaring. Dit waren geen mensen die van buitenaf naar hiphop keken, maar mensen die er zelf onderdeel van zijn en vanuit die positie reflecteren.

Martha Diaz, 1 van de eerste formeel opgeleide hiphop archivarissen ter wereld, nam ons mee door twintig jaar hiphop-archivering en liet zien hoe rommelig, complex en soms tegenstrijdig dat proces kan zijn. Ze benoemde in haar presentatie verschillende voorbeelden die historisch accuraat lijken, verankerd in het collectief geheugen, maar feitelijke onjuistheden bevatten. Wat de vraag oproept in hoeverre herhaling een rol speelt in wat als ‘waar’ wordt beschouwd. Als voorbeeld haalde ze de back to school flyer van Cindy Campbell, de zus van Kool Herc aan, de juiste versie en de foutieve versie die we allemaal kennen en als zodanig juist zien. Hoewel dit feestje vaak wordt aangewezen als het startpunt, is die lezing niet onomstreden. In de context van die tijd, zoals beschreven in The Birth of Breaking door Serouj Aprahamian (Bboy Midus en assistent professor in dans aan de Universiteit aan Illinois), waren back-to-school parties een gangbare manier voor jongeren om geld op te halen voor nieuwe outfits voor het aankomende schooljaar. Ook legt hij in zijn boek uit dat we bepaalde narratieven uit de geschiedenis blijven herhalen, mogelijk omdat onze kennis over de begintijd grotendeels gebaseerd is op beperkte media verslaglegging en pers die destijds over hiphop berichtten. Tegelijkertijd roept dat de vraag op in hoeverre die berichtgeving volledig was, aangezien witte media niet in alle gekleurde wijken aanwezig waren. Hierdoor is het denkbaar dat niet alles evenredig werd gedocumenteerd en dat vroege verhalen zich zijn blijven herhalen. In hoeverre ondervinden we daar vandaag de dag nog de gevolgen van? Ik vond het een opluchting dat Martha ons wees op weef fouten in ons eigen collectief geheugen. Daarmee onderstreept ze ook hoe moeilijk het is om authenticiteit vast te stellen in een cultuur die van oorsprong zo vluchtig en mondeling is. Wat mij vooral bijbleef, was dat archiveren hier niet werd gepresenteerd als iets neutraals of technisch, maar als iets dat continu onderhandeling vereist, over waarde, over waarheid, over eigenaarschap.

Het moment waarop archiveren begint
Dat werd nog persoonlijker toen SugaCane zijn verhaal deelde en zei: “Vanaf het moment dat ik waarde zag in wat ik deed, ben ik gaan documenteren.” Die zin bleef bij me hangen, juist omdat hij zo direct aansloot op mijn eigen ervaring. Met Air Waves had ik een vergelijkbaar moment, toen ik vanwege werk in de Randstand even wat meer afstand van Twente had genomen, zag ik bij terugkomst ineens scherper wat er eigenlijk gebeurde in mijn eigen omgeving en hoeveel waarde daarin zat. Het idee dat archiveren begint op dat moment, niet bij een instituut, maar bij een individu dat besluit dat iets het waard is om vast te leggen, verschoof mijn kijk op wat een archief eigenlijk is. Het maakte het ook concreet: de keuze van SugaCane om zijn Doofpod podcast onder te brengen bij het Stadsarchief in Amsterdam voelde niet als een eindpunt, maar als een logische volgende stap in iets wat al veel eerder was begonnen.

Tussen institutie en community: een spanningsveld
Tegelijkertijd liet het gesprek ook zien hoe ingewikkeld dat proces wordt zodra instituties in beeld komen. Torch vertelde over het lange traject achter het archief in Heidelberg en hoe belangrijk het daarin was om duidelijke afspraken te maken over eigenaarschap en controle. Martha Diaz benadrukte juist weer de kracht van community-based archieven, waarin die controle bij de cultuur zelf blijft liggen. Daartussen ontstaat een spanningsveld dat niet makkelijk op te lossen is. Want aan de ene kant bieden instituties middelen, bereik en duurzaamheid, maar aan de andere kant brengen ze ook kaders met zich mee die niet altijd aansluiten bij de waarden van hiphop. Dat werd nog scherper toen iemand uit het publiek benoemde dat ze bij UCLA er bewust voor kiezen om niet te archiveren, juist vanwege de koloniale structuren van de universiteit. Op dat moment werd duidelijk dat archiveren nooit alleen gaat over bewaren, maar ook altijd gaat over macht en controle.

Nieuwe perspectieven op hiphoparchivering
Misschien is dat ook waarom deze talk me het meest raakte. Omdat archivering binnen hiphop in Nederland nog relatief nieuw is en we daardoor weinig voorbeelden hebben om ons aan te spiegelen. Dat maakt het soms lastig om verder te kijken dan wat er nu is, om grotere mogelijkheden te zien. Maar juist door deze verhalen te horen, van mensen die al langer in dit veld bewegen, ontstaat er ruimte om anders te denken. Het laat zien dat archiveren niet iets is wat pas begint als iets “belangrijk genoeg” wordt gevonden door een instituut, maar dat het juist begint bij de mensen die middenin de cultuur staan en besluiten dat hun eigen verhaal het waard is om bewaard te worden.

Take away
Wat ik meeneem uit Groningen is niet alleen inspiratie, maar ook een gevoel van verantwoordelijkheid. Als we willen dat hiphop in Nederland op een serieuze manier wordt vastgelegd, dan ligt die taak juist niet bij musea of archieven, maar bij onszelf. Misschien begint het inderdaad bij iets simpels als bewustzijn, bij het moment waarop je inziet dat wat je doet onderdeel is van iets groters. Vanaf daar volgt de rest vanzelf. Zoals aan het einde van de talk werd gezegd: archiveer, “the good, the bad, the ugly" en alles daartussenin.


Wil je mijn updates ontvangen straight in je mailbox? Schrijf je dan in voor Van mail.

Comments

No Comments.

Leave a replyReply to